Amsterdam, 18 mei 2005 – Het aantal topmanagers dat in 2004 gedwongen werd af te treden is hoger dan ooit. Dit concludeert management adviesbureau Booz Allen Hamilton in haar jaarlijkse onderzoek onder de 2.500 grootste, beursgenoteerde ondernemingen ter wereld. Bijna eenderde van de 354 vertrekkende CEOs verliet in 2004 hun gedwongen hun functie: een stijging van meer dan 300% sinds 1995. Wereldwijd nam het aantal topmanagers dat aftrad wegens achterblijvende resultaten, toe met 44% ten opzichte van 2003. De belangrijkste reden om een topman de wacht aan te zeggen is noch een gebrek aan ethiek, noch onrechtmatig gedrag, maar diens achterblijvende resultaten.
Uit het onderzoek blijkt dat topmanagers die er niet in slagen al in de eerste jaren van hun bewind sterke resultaten te behalen, steeds eerder worden verzocht hun spullen te pakken. Rob Schuyt, Vice President of Booz Allen in Amsterdam: “Topmanagers hebben tegenwoordig te maken met een lastige paradox: het evenwicht bewaren tussen de korte termijn resultaten die ze nodig hebben om in functie te kunnen blijven en het realiseren van een lange termijn strategie gericht op de duurzame ontwikkeling van een onderneming. De aard van de autoriteit van de topmanagers is daarmee veranderd: het tijdperk van de korte termijn CEO is definitief aangebroken”.
Van de 2.500 ondernemingen verlieten 354 CEOs hun functie (14.2%). Daarbij was van bijna éénderde sprake van gedwongen vertrek. Dit is het hoogste aantal gedwongen aftredens ooit; meer dan 300% sinds 1995, het eerste jaar dat Booz Allen Hamilton dit onderzocht. Van alle regio’s vertrokken in Europa de meeste topmanagers: 16.8% (bijna 60 individuen) van de CEOs verliet in 2004 hun functie. Maar ook gedwongen vertrek van CEOs bereikte in Europa een recordhoogte: 42% van de CEO- opvolgingen had te maken met ondermaatse prestaties.
Achterblijvende topmanagers in Europa werden dus het snelst door de toezichthouders uit hun functie ontheven: gemiddeld al na een opvallend korte periode van 2,5 jaar versus gemiddeld 4,5 jaar wereldwijd en 5,2 jaar in de VS. Rob Schuyt: “De huidige economie verandert zo snel, dat een succesvolle strategie binnen vijf jaar positieve resultaten moet boeken. Een CEO heeft drie tot vijf jaar nodig om een strategie te ontwikkelen en de eerste resultaten ervan te beoordelen. Vooral in Europa krijgen topmannen die tijd van hun toezichthouders vaak niet. Hierdoor wordt een CEO niet gemotiveerd risico’s te nemen en riskante projecten, zoals fusies of overnames, te starten. Dit staat een duurzame ontwikkeling van de onderneming in de weg. Vooral voor die Europese ondernemingen waar ingrijpende veranderingen nodig zijn om de concurrentie het hoofd te kunnen bieden, worden zo in hun groei bedreigd.”
Het onderzoek brengt nog een ander mogelijk ongewenst gevolg van aandeelhoudersdruk aan het licht: CEOs zullen zich in toenemende mate richten op het behalen van korte termijn resultaten, ten koste van de aandeelhouderswaarde op de lange termijn. “Topmanagers moeten zowel de onderneming op het juiste strategisch pad brengen, als korte termijnsuccessen boeken, die de onderneming op de lange termijn niet in gevaar brengen,” aldus Rob Schuyt “dat is balanceren op een zeer dun koord”.
Meer informatie over Booz Allen Hamilton kunt u vinden op onze website: www.boozallen.nl of www.boozallen.com.