Utrecht – 87 procent van de Nederlanders
verwacht dat we over tien jaar met spijt terugkijken op hoe vrijgevend we
met onze persoonlijke data zijn omgegaan. Dit blijkt uit landelijk
onderzoek van IT- en businesstransformatiedienstverlener
Conclusion onder ruim 1.000 consumenten. Sterker nog,
86 procent denkt dat echte privacy over tien jaar vrijwel verdwenen zal
zijn.
Privacy onder druk
Voor veel Nederlanders voelt privacy nu al niet als iets
vanzelfsprekends, maar als iets dat je je moet kunnen veroorloven. Maar
liefst 86 procent vindt dat online privacy in de praktijk een luxeproduct
is geworden. Het gevoel leeft breed over alle leeftijdsgroepen, van
jongeren tot 70-plussers. Een beeld dat aansluit bij de bredere
verwachting dat privacy de komende jaren verder onder druk komt te staan.
Toenemende afhankelijkheid van data
Hoewel men zich realiseert dat hun data steeds vaker wordt gedeeld, lijkt
dit voor veel Nederlanders vooral een gegeven waar ze weinig invloed op
hebben. Zo vreest 68 procent dat zij in de toekomst nog meer data zullen
moeten delen om volwaardig mee te kunnen blijven doen in de maatschappij.
Sterker nog: een ruime meerderheid (67%) voorspelt dat het, door het
delen van data, over tien jaar zó normaal zal zijn dat bedrijven hen beter
kennen dan zijzelf. Dit gevoel is onder jongeren (16-29 jaar) nog
sterker: bijna driekwart (71%) verwacht dat dit de norm wordt.
Berusting maar geen acceptatie
Het onderzoek schetst een opvallende paradox. Enerzijds verwacht 87
procent van de Nederlanders dat we met spijt zullen terugkijken op hoe we
met data zijn omgegaan, anderzijds verwacht 86 procent dat privacy over
tien jaar bijna helemaal verdwijnt. Het bewustzijn over data is er dus
wel degelijk, maar Nederlanders hebben het gevoel dat ze weinig invloed
hebben op hoe overheden en bedrijven met hun gegevens omgaan. Voor
organisaties die werken met data en AI is dat een belangrijk signaal.
Friso Spinhoven, hoofd Responsible AI bij Conclusion:
“Het
is opvallend dat Nederlanders collectief voorzien dat we hier later spijt
van krijgen, terwijl ze tegelijkertijd het gevoel hebben dat deze
ontwikkeling onvermijdelijk is. Dat wijst niet op berusting, maar op een
duidelijke behoefte aan meer regie over hun eigen data. Daarmee staan we
op een kantelpunt. Als we accepteren dat privacy verdwijnt, wordt dat een
self-fulfilling prophecy. Maar dit onderzoek laat ook iets hoopvols zien:
mensen zijn niet onverschillig. Ze verlangen van overheden en bedrijven
dat die verantwoord omgaan met hun gegevens. Wie dat doet en daar
transparant over is, kan dat vertrouwen nog winnen."